Vertrouwen is goed, controleren is beter

Administratief en financieel nieuws

Dagelijks speuren wij het internet af naar nieuws waar uw wat aan heeft.


HOOFDLIJNEN NIEUWE REGELS OMTRENT AFLOSSING EN INFORMATIE 
VOOR (HYPOTHEEK)LENINGEN VANAF 2013

Op 1 januari 2013 zijn de regels voor de renteaftrek van de eigenwoning schuld 
(hypotheekrenteaftrek) veranderd. De hoofdpunten:

U mag voor nieuwe leningen vanaf 1 januari 2013 alleen rente aftrekken, als u de lening maandelijks aflost. Dat is bijvoorbeeld het geval als u voor het eerst een hypotheek of lening afsluit vanaf 1 januari 2013 of wanneer u vanaf 1 januari 2013 uw bestaande hypotheek of lening verhoogt voor een verbouwing. In laatstgenoemde situatie geldt de aflossingsverplichting alleen voor het extra bedrag dat u leent.

·         U moet de lening aflossen in maximaal 360 maanden (30 jaar) en ten minste annuïtair. Dit betekent dat u maandelijks een vast bedrag betaalt, dat bestaat uit rente en aflossing. Ook als u lineair in maximaal 30 jaar aflost hebt u recht op renteaftrek. Ook dan betaalt u maandelijks een vast bedrag, dat bestaat uit rente en aflossing.

·         Als u in een jaar onvoldoende aflost, moet u het volgende jaar deze achterstand inhalen. Indien u de achterstand niet op tijd inhaalt, kwalificeert de lening niet langer als eigen woningschuld. De rente is dan niet langer aftrekbaar als eigen woning rente!

·         Als u een lening afsluit bij een bank of een andere financiële instelling in Nederland, dan zijn zij verplicht om de gegevens over uw lening voor de eigen woning aan de Belastingdienst door te geven. Sluit u na 1 januari 2013 een lening af voor uw eigen woning bij iemand die niet verplicht is om gegevens aan de Belastingdienst door te geven (bijvoorbeeld een familielid, uw bv of een niet in Nederland gevestigde bank), dan moet u de gegevens over uw lening zelf aan de Belastingdienst doorgeven. Indien u dit niet doet, hebt u geen recht op (hypotheek)renteaftrek.

U moet onder andere de volgende gegevens doorgeven met het formulier ‘Opgaaf lening eigen 
woning’ op de site van de Belastingdienst.

·         de naam en adresgegevens van u en de geldlener
·         uw burgerservicenummer/sofinummer
·         de startdatum van de lening
·         de hoogte van het bedrag
·         de looptijd in maanden
·         het rentepercentage
·         de manier van aflossen (annuïtair of lineair)

U moet de gegevens insturen als u aangifte doet over het jaar waarin u de overeenkomst afsloot, maar uiterlijk voor 31 december van het jaar na het jaar waarin u de (hypothecaire) lening hebt afgesloten. Als er tijdens de looptijd van de lening iets wijzigt in de gegevens die u hebt ingestuurd, dan dient u dat aan de Belastingdienst door te geven binnen een maand na het einde van het kalenderjaar waarin de wijziging plaatsvond.


DGA: PAS ALS LOON ONGEBRUIKELIJK IS, WORDT DE AFROOMMETHODE TOEGEPAST -VERPLICHTE SALARISVERHOGING VOOR DE DGA

Inspecteur mocht de afroommethode toepassen, NADAT hij had bewezen dat het loon in 
belangrijke mate afweek van het loon dat in het economische verkeer gebruikelijk was. 
Vorig jaar was het gebruikelijk loon voor de dga minimaal € 43.000, dit jaar is dat € 44.000.
Het gebruikelijk loon is het salaris wat u volgens de wet minimaal moet verdienen en gangbaar is 
voor het niveau en de duur van uw werk. Het is het loon voordat er loonbelasting/premie 
volksverzekeringen wordt ingehouden, en inclusief de eventuele bijtelling van uw auto van de zaak. 
Als u en de bv kunnen aantonen dat in het economisch verkeer een lager loon gebruikelijk is, kan het 
gebruikelijk loon lager uitvallen. De bewijslast hiervoor ligt bij u.
Het gebruikelijk loon kan ook hoger zijn dan € 44.000. Dit is het geval als bij soortgelijke 
dienstbetrekkingen waarbij een aanmerkelijk belang geen rol speelt, een hoger loon gebruikelijk is. 
Uw salaris moet dan worden gesteld op 70% van dit hogere gebruikelijke loon, maar minimaal 
€ 44.000. Uw loon mag niet meer dan 30% afwijken van het gebruikelijke hogere loon. Is het loon van 
de meest verdienende werknemer meer, dan moet van dit loon worden uitgegaan.
Maar nu komt het: voor het beoordelen van de hoogte van het gebruikelijk loon gebruikt de 
Belastingdienst vaak de afroommethode. De inspecteur mag de afroommethode toepassen als de 
opbrengsten van de bv nagenoeg geheel het gevolg zijn van de werkzaamheden van de directeur-
grootaandeelhouder (dga). 
In een zaak die voor de rechtbank Den Haag speelde, hield een bv zich bezig met 
communicatiemanagement met de dga als enige werknemer. Na een boekenonderzoek In 2012 
corrigeerde de inspecteur de aangifte over 2007, 2009 en 2010, omdat hij vond dat het gebruikelijk 
loon op basis van de afroommethode hoger moest zijn. De bv vond deze correctie niet terecht, 
omdat het loon niet veel afweek van het loon bij soortgelijke dienstbetrekkingen. Daar zou de 
inspecteur ten onrechte niet naar hebben gekeken.
Volgens de rechtbank mocht de inspecteur de afroommethode toepassen, maar pas nadat hij had 
bewezen dat het loon in belangrijke mate afweek van het loon dat in het economische verkeer 
gebruikelijk was. De inspecteur had dat niet onderzocht en kon dit dus niet bewijzen. Het loon voor 
een soortgelijke dienstbetrekking lag volgens de dga tussen de € 30.000 en € 69.000 per jaar. Het 
toegekende loon week daar niet in belangrijke mate van af. Een correctie van het loon was dus niet 
op zijn plek. De inspecteur kwam daardoor helemaal niet toe aan de afroommethode. De 
naheffingsaanslagen waren dus niet terecht.


OPZETTELIJK NIET BETALEN BTW EN LOONBELASTING STRAFBAAR

Het opzettelijk niet betalen van omzetbelasting en/of loonbelasting is met ingang van 1 januari 2014 strafbaar geworden. Een ondernemer of bestuurder kan een gevangenisstraf of flinke boete .
Tot en met 31 december 2013 was de maximale straf voor het niet (tijdig) betalen van omzetbelasting en/of loonbelasting als volgt:·        
een betaal verzuimboete van 2% (vanaf 2014: 3%) van het niet (tijdig) betaalde bedrag, met 
een minimum van € 50, en een maximum van € 4.920;·        
bij grove schuld of opzet kan daarnaast een vergrijpboete worden opgelegd tot 100% van het 
te betalen bedrag.

Vanaf 1 januari 2014 kan daar bovenop aan de ondernemer of aan de bestuurder van de onderneming ook een gevangenisstraf van maximaal 6 jaar, of een bestuurlijke boete met een maximum van € 78.000 opgelegd wordt.Het doel van deze maatregel is het tegengaan van verschillende vormen van fraude zonder ‘de goedwillende ondernemer’ te straffen. Een goedwillende ondernemer betaalt wel tijdig zijn aanslagen, of vraagt tijdig uitstel van betaling aan bij betalingsproblemen of doet tijdig melding van betalingsonmacht.Daarom is het extra belangrijk om de aanslagen omzetbelasting en loonbelasting tijdig te voldoen, dan wel te verzoeken om uitstel van betaling of melding van betalingsonmacht. Let wel: het gaat hier enkel om de betaling van omzetbelasting of loonbelasting, waarvoor al aangifte omzetbelasting of loonbelasting is gedaan. Het boeteregime voor verzuim bij het indienen van aangiften is per 1 januari 2014 niet veranderd.


WIJZIGING VOOR HET AANPASSEN VAN DE VOORLOPIGE AANSLAG

Wanneer een voorlopige aanslag mogelijk onjuist is, kan de inspecteur vanaf 28 januari 2014 afzien van het aanpassen van de voorlopige aanslag.
Voorwaarde is wel dat de mogelijke onjuistheid het gevolg is van een recente wijziging in de wet- en regelgeving die niet, niet tijdig, juist of volledig in de automatisering is verwerkt én dat de mogelijke onjuistheid niet substantieel is. De aanpassing van de voorlopige aanslag vindt dan uiterlijk plaats bij het vaststellen van de definitieve aanslag. De voorlopige aanslag is een schatting en komt vrijwel nooit exact overeen met de definitieve aanslag. Om doelmatigheidsredenen zal daarom de inspecteur niet tegemoet komen aan een verzoek om herziening van de voorlopige aanslag als dat slechts tot een geringe aanpassing leidt. Let wel: verwacht u aanzienlijk meer te moeten betalen, dan in uw voorlopige aanslag 2013 is vastgesteld, vraag dan vóór 1 juli 2014 uw nieuwe aanslag aan, teneinde belastingrente te voorkomen.